Geen categorieën toegewezen

Kwaliteitsmonitor

Met de kwaliteitsmonitor Jeugd wordt getracht om de kwaliteit van zorgaanbieders en gemeentelijke toegangen in beeld te brengen. De regio heeft hiertoe afspraken gemaakt met een samenwerking van Praktikon, Initi8 en TNO (PIT).

Doelstellingen kwaliteitsmonitor WBW

Primair doel is de kwalitatieve data te gebruiken voor het verhogen van de doelmatigheid en doeltreffendheid van jeugdhulp in de negen gemeenten in West-Brabant West. Om dit voor elkaar te krijgen valt het project kwaliteitsmonitoring uiteen in drie subdoelen:

1. Voor gemeenten en aanbieders die deelnemen aan de kwaliteitsmeting is een vierjarig leertraject ingericht, die moet ondersteunen bij het verhogen van de kwaliteit van zorg.

2. Het bij de eerste zorgmelding creëren van best passende jeugdhulp is in het belang van burgers met een zorgvraag. De best passende hulp bestaat vaak uit een mix van inzet van:

i. Trainingen, cursussen uit het voorliggend veld

ii. Ambulante ondersteuning van de jeugdprofessional

iii. Inzet van collega’s op het sociaal domein

iv. Niet vrij toegankelijke jeugdhulp

De combinatie van kwalitatieve en kwantitatieve data per specifieke doelgroep van zorgvragen geeft ons inzicht bij nieuwe cliënten welke elementen de Jeugdprofessional moet combineren om het meeste effect te bereiken met de zorg. Ook wordt hieruit duidelijk welke aanbieders de beste papieren hebben om deze specifieke zorgvraag op te lossen. En het geeft inzicht in de verschillen per gemeenten, zodat door het Zorg Informatie en Inkoop Team gericht advies kan worden gegeven welke aanpassingen van de toegang leiden tot verbetering van de dienstverlening. Als ouders zelf regie kunnen voeren, dan geven we het inzicht in kwaliteit.

3. Dialoog met de zorgaanbieder in het kader van contractmanagement. Met aanbieders van hoogcomplexe zorg worden ieder kwartaal contractgesprekken gevoerd op basis van de kwantitatieve gegevens. Minder frequent worden dergelijke gesprekken ook gevoerd met andere aanbieders. Inzicht in de kwalitatieve gegevens biedt aanknopingspunten om met de aanbieders in gesprek te gaan over wat zij nodig hebben om de kwaliteit te verbeteren, en hoe de gemeente hierin kan faciliteren. Bij niet naleving van het contract kunnen de kwaliteitsscores meewegen in het al dan niet opzeggen van de overeenkomst.

Volwassenheidniveaus in de aanlevering van de kwaliteitsmonitor jeugd West-Brabant West

Proces van aanlevering

In West-Brabant West sluit elke zorgaanbieder individueel een verwerkersovereenkomst met Initi8. Initi8 draagt als trusted third party zorg voor een dubbele pseudonimisering, het ophalen van de data, een spiegelrapportage voor de aanbieder en het opslaan van de gegevens. Bij Cliënttevredenheid wordt gevraagd naar bejegening van de cliënt en ervaren effectiviteit van de zorg. Uitval heeft betrekking op het eenzijdig door cliënt beëindigen van het arrangement. Doelrealisatie meten we door middel van Routine Outcome Measurement (profielen 1 tot en met 6) ofwel Goal Attainment Scaling (profielen 7, 8, 9 en 10). Aanbieders mogen uitsluitend gebruik maken van gevalideerde vragenlijsten. Deze worden door Praktikon aangeboden in BergOp, maar aanbieders mogen deze ook via eigen systemen verzamelen en aanbieden.

De regio streeft naar een zo hoog mogelijke respons, zodat er een goede basis is voor analyse en onderzoek. Om bij te houden hoe ver de zorgaanbieder is in het behalen van voldoende respons is in overleg met zorgaanbieders een indeling in volwassenheidsniveaus gemaakt. Tips over het verhogen van respons vindt u hier. Het vragen van toestemming aan de cliënt is niet noodzakelijk. Wanneer aanbieders hier toch voor kiezen verwachten wij dat zij door een intensieve communicatie met de cliënt niveau 6 (Goede respons) kunnen behalen.

Meer over het doel en de wettelijke grondslagen van de kwaliteitsmonitor jeugd WBW treft u in onderstaande bijlage.

Verleden

De ambitie van West-Brabant West om kwaliteit van jeugdhulp te meten is ontstaan in 2012. Tijdens de ‘Transformatiedagen’ van augustus 2012 bleek uit gesprekken met cliënten dat het kiezen van een zorgaanbieder lastig is, omdat het verschil in kwaliteit niet inzichtelijk is. In de visie op jeugdhulp die de gemeenteraden in 2012 hebben vastgesteld, en die ook door de toentertijd grootste zorgaanbieders in onze regio is ondertekend, is daarom opgenomen dat de regio er naar streeft om de kwaliteit van jeugdhulp op te halen en te presenteren aan gezinnen, zodat zij beter onderbouwd een keuze voor een aanbieder kunnen maken.

Bij nadere verdieping in de werking van jeugdzorg voor de decentralisatie kwamen de gemeenten tot de conclusie dat er veel verschillende aanpakken en visies op jeugdzorg bestaan. Er is geen consensus in het jeugdveld over optimale behandelvarianten en ook geen onderbouwing voor het langdurige maatschappelijk rendement. Daarnaast wordt in evidence based methodieken over het algemeen de rol die de gemeente kan (moet) spelen niet of beperkt meegenomen. Uit andere onderzoeken blijkt dat de rol van een aanbieder in het succesvol oplossen van problemen in een gezin vaak, afhankelijk van de zorgvraag, evengoed afhankelijk is van de inspanningen van de gemeente om problematiek in het gezin op andere terreinen dan jeugdhulp die leiden tot spanningen in het gezin weg te nemen. Door cliënten en personeel van zorgaanbieders kunnen evidence based methodiek als beperkend worden ervaren. De gemeenten waren daarom al vroeg voornemens om geen afspraken te maken over specifieke (al dan niet evidence based) producten van aanbieders, maar om een samenwerkingsmodel te creëren waarin aanbieder en gemeente en gelijkwaardige input hebben. Om toch de kwaliteit van jeugdhulp onder verschillende aanbieders met verschillende aanpakken op dezelfde doelgroep inzichtelijk te maken zijn wij gekomen met profielen en intensiteiten, waardoor het type zorgvraag en zorgzwaarte enige vergelijkbaarheid krijgen. Met de kwaliteitsmonitor proberen we te duiden wat maakt dat sommige aanbieders voor sommige doelgroepen een langduriger maatschappelijk rendement bereiken, maar ook in welke mate de gemeentelijke toegang hierop van invloed is.

Indicatoren met aanbieders

In 2015 besloot het ministerie dat het onwenselijk is dat gemeenten verschillende sets aan kwalitatieve informatie zouden ophalen bij zorgaanbieders. Daarom is het gekomen met een landelijk verplichte set aan indicatoren, waarbij is gekozen voor uitval, cliënttevredenheid en doelrealisatie. In 2015 en 2016 zijn in WBW een aantal werksessie gehouden met zorgaanbieders, onder begeleiding van wetenschappelijke instituut Praktikon. Tijdens de sessies is samen met zorgaanbieders over elke indicator besloten hoe deze wordt vertaald naar ons systeem van outputfinanciering. De landelijk set wordt normaliter toegepast op losse trajecten van aanbieders, terwijl in onze arrangementensystematiek één arrangement uit een veelheid van trajecten kan bestaan. In WBW is met aanbieders overeengekomen dat het arrangement als geheel als één traject wordt beschouwd, ongeacht het aantal hulpverleningsmodules dat tijdens de looptijd van het arrangement heeft plaatsgevonden. Dat maakt wel dat de kwalitatieve informatie die wordt gegenereerd in WBW niet vergelijkbaar is met kwaliteitsinformatie uit regio’s waar per enkele module wordt gemeten.

Aanbesteding en start

Vervolgstap was het ophalen van de data. In 2017 is gekozen om dat als gemeente niet zelfstandig te doen, het ophalen en vergelijkbaar maken van data is om meerdere reden zeer complex:

  • Zorgaanbieders gebruiken een verscheidenheid van vragenlijsten. Om de tientallen verschillende vragenlijsten vergelijkbaar te maken moet een vertaalslag worden gemaakt van de verschillende soorten uitkomsten naar één uniforme schaal. Dat vraagt om specialistische kennis, die binnen de gemeente niet beschikbaar is.
  • Technisch waren er de nodige uitdagingen, met name in het borgen van de privacy.
  • De data bevat veel privacygevoelige informatie, waarvan onze gemeenten oordeelden dat wij die niet mochten inzien in het kader van privacy. Ook voor aanbieders lag het gevoelig dat de gemeente direct inzage zou krijgen in informatie over de behandeling van jeugdigen.

Daarom is besloten het ophalen, presenteren en analyseren van data aan te besteden. In de aanbesteding is opgenomen dat zorgaanbieders en gemeenten zo veel als mogelijk ontzorgd zouden worden bij het implementeren van de kwaliteitsmonitor en bij het leren van de informatie die hier uit zou worden gegenereerd. Scoop van de aanbesteding is de periode 2018 tot en met 2021. Uit een aantal gegadigden is een samenwerking van Praktikon, Initi8 en TNO geselecteerd.

In 2018 is een start gemaakt met de implementatie. Praktikon heeft zorgaanbieders die daar behoefte aan hadden ondersteund bij het maken van keuzes in vragenlijsten. TNO heeft een start gemaakt met het leertraject, door het organiseren van inspiratiebijeenkomsten waar alle gemeenten en zorgaanbieders welkom waren en leerwerkgroepen voor de grotere zorgaanbieders.

Privacy

Initit8 richtte een dataproces in. Dat is uitvoerig besproken met de functionarissen gegevensbescherming van de negen gemeenten, en na wat bijschaven akkoord bevonden. Redenen dat de FGs dit proces als veilig beoordeelden waren de volgende:

  • De data wordt al gepseudonimiseerd bij de zorgaanbieder. Dat betekent dat het BSN wordt vertaald naar een andere code, die niet te herleiden is naar de persoon, maar wel herkenbaar is als dezelfde inwoner voor een volgende maal zorg vraagt. Zo kunnen analyses worden uitgevoerd naar mogelijke oorzaken van recidive.
  • De data wordt niet bij de gemeente bewaard, maar door Initi8, die fungeert als trusted third party. De data is ook eigendom van de zorgaanbieder, volgens de verwerkersovereenkomst die Initi8 met elke zorgaanbieder heeft gesloten werkt Initi8 in opdracht van de aanbieder.  
  • Een selectie van de data kan in een apart dashboard worden getoond aan de gemeente. Zo kunnen we op doelgroepen kwalitatieve info opvragen. Bij minder dan 7 cliënten wordt er geen informatie getoond, om redenen van privacy.

Ophalen

De techniek om de data op te halen is sinds eind 2018 operationeel. Een aantal zorgaanbieders heeft in een werkgroep meegedacht over de wijze van presentatie en het definiëren van zes niveaus van volwassenheid die per aanbieder inzichtelijk wordt gemaakt voor we mogen spreken van een goede respons.

Toch is het ophalen van de data moeizaam gebleken. Dat heeft een aantal oorzaken:

  • Ongeveer een derde van de zorgaanbieders beschikte nog niet over een wijze van kwaliteitsmeting, en moesten ondersteund worden in het inregelen in het primair proces.
  • Een aantal zorgaanbieders maakte gebruik van vragenlijsten die niet wetenschappelijk gevalideerd zijn. Van hen verwachtten we een overstap naar een andere methode.
  • Veel zorgaanbieders beschouwen de kwaliteitsmonitor als een extra administratieve last en investering waar ze niet direct voordeel in zien. Hier zijn intensieve gesprekken over gevoerd met zorgaanbieders. Als wisselgeld is onder meer besloten om het aanleveren van jaarrapportages en accountantsverklaringen te laten vervallen. Daarnaast is in overleg met de FGs besloten om een deel van de trajectinformatie die nu door aanbieders wordt aangeleverd aan Initi8 zelf vanuit de gemeente aan te leveren.
  • Een kleine groep traditionele zorgaanbieders protesteert tegen het aanleveren van kwaliteitsdata, of maakt uitzonderingen op de afspraken. Zo vraagt een aantal zorgaanbieders eerst toestemming aan de cliënt voor delen van de informatie, wat feitelijk niet nodig is en de respons fors verlaagt. Een enkeling geeft aan geen informatie over de cliënt te willen aanleveren, wat maakt dat hier weinig analyse op kan worden uitgevoerd.
  • Vanuit brancheorganisaties zijn opgeroepen gedaan niet mee te werken aan aanleveren van data op de wijze zoals wij die vragen. Dit ondermijnt de samenwerking tussen gemeenten en zorgaanbieder, en de wil om van elkaar te leren.

Stand van zaken

Steeds meer zorgaanbieders werken mee aan het aanleveren van de gevraagde informatie. De activiteiten in het kader van leren van data is tijdelijk stopgezet, in afwachting van voldoende data. Deze wordt in de tweede helft van 2020 weer opgepakt. Daarmee is de regio West-Brabant West de eerste in Nederland die op grote schaal inzicht heeft in de kwaliteit van jeugdzorg.

Documenten


Brochure Kwalieitsmeting

In onderstaande brochure kunt u lezen hoe wij de zorg voor jeugd verbeteren met de Kwaliteitsmonitor.

Brochure Kwaliteitsmonitor


Filmpje wethouder Zopfi:

Wethouder Zopfi vindt het voortdurend verbeteren van de zorg belangrijk, kijk maar naar dit filmpje. Hierin heet hij de aanwezigen bij een recente inspiratiebijeenkomst welkom.

Factsheet Inspiratiesessie 27 mei 2021

Met gemeentelijke uitvoer, praktijk en beleid werkten we aan het doorontwikkelen van zorgprofiel 5 en brachten daarbij een advies uit. Ook ontwikkelden we een werkwijze voor lerend vernieuwen in de leerstructuur. Bekijk de factsheet met een samenvatting van de opbrengsten.

Factsheet Inspiratiesessie 27 mei 2021


Factsheet Big data zorgprofielen

Worden de cliëntprofielen, zoals de regio die onderscheidt, ondersteund door de gegevens in de

Kwaliteitsmonitor? De resultaten staan in deze factsheet bij elkaar.

Factsheet Bigdata Zorgprofielen


Verslag eerste inspiratiesessie

In deze eerste inspiratiebijeenkomst stond het thema Implementatie centraal. Met professionals en beleidsmedewerkers zijn we in dialoog gegaan over hoe de Kwaliteitsmonitor op een goede manier kan worden geïmplementeerd.

Verslag eerste inspiratiesessie


Samen leren van de Kwaliteitsmonitor

Tijdens deze inspiratiesessie hebben praktijkorganisaties, gemeentelijke toegang en gemeenten met elkaar een werkwijze voor lerend vernieuwen ontwikkeld.

Werkwijze voor lerend vernieuwen


Praktijkvoorbeeld Kwaliteitsmonitor Etten-Leur en Zundert

Hoe kun je als gemeentelijke toegang de kwaliteitsmonitor optimaal implementeren, benutten en borgen? Door dit praktijkvoorbeeld uit te werken, geven we concrete handvatten om de kwaliteitsmeting nog beter te implementeren, te benutten en te borgen.

Praktijkvoorbeeld kwaliteitsmonitor toegang
Bijlage 1
Bijlage 2

Discussions